Via één van onze leden bereikte ons de volgende vragen:

Op 2 september verscheen er een KB ter bepaling van de technische middelen die bewakingsondernemingen aan derden kunnen ter beschikking stellen. Een aantal van onze leden vraagt een interpretatie van dit KB, maar we vragen liever ineens de correcte informatie bij jullie op. Volgens het KB gaat het hier ook ondermeer over drones (rpas).

Een paar vragen:

  • Betekent het inschrijven van drones als technische middelen dat je voor het aanbieden van dronediensten aan politie, ed… per definitie een bewakingsfirma moet zijn? Met andere woorden: kunnen dronepiloten / firma’s hun diensten nog rechtstreeks aanbieden aan politie / civiele bescherming of moet dit via een bewakingsfirma? En moet de piloot in kwestie in dienst zijn van de bewakingsfirma of mag dit ook in onderaanneming?
  • Hoe staat dit in verhouding tot de ministeriële omzendbrief van 2017 rond o.a. het inzetten van drones?

 

We legden ons oor te luisteren bij onze EUKA-experten, die ons de volgende link met nuttige info bezorgden:  https://polinfo.kluwer.be/newsview.aspx?contentdomains=POLINFO&id=VS300646348&lang=nl.

Daarnaast gingen we ook te rade bij het kabinet van Binnenlandse Zaken (minister Jambon) en kregen daar het volgende antwoord:

Met de nieuwe wet van 2 oktober 2017 tot regeling van de private en bijzondere veiligheid werd een nieuwe bewakingsactiviteit geïntroduceerd  die als volgt werd gedefinieerd: “De bediening van de door de Koning bepaalde technische middelen die met het oog op het verzekeren van de veiligheid aan derden ter beschikking worden gesteld.” (art. 3, 12°)

De technische middelen waarover de bewakingsactiviteit spreekt, werden inderdaad onlangs via het KB van 02 september 2018 in het Belgisch Staatsblad gepubliceerd. Deze technische middelen zijn: speurhonden, commandowagens, mobiele camerasystemen, drones (RPA/RPAS).

Ter beantwoording van uw vragen enige verduidelijkingen bij het gebruik van drones binnen het toepassingsgebied van de private veiligheid:

Wat is de eigenlijke bewakingsactiviteit die onder de wet van 2 oktober 2018 valt? è de bediening van de drone die met het oog op het verzekeren van de veiligheid aan de klant werd ter beschikking gesteld.

  1. Het technisch middel moet dus met het oog op het verzekeren van de veiligheid ter beschikking zijn gesteld aan de klant. Een drone die gebruikt wordt om het publiek tijdens een evenement in het oog te houden beantwoordt aan deze voorwaarde. Een drone die gebruikt wordt om de bouwkundige staat van een gebouw na te gaan, valt hier bijvoorbeeld niet onder.
  2. De regelgeving bepaalt niet dat “het ter beschikking stellen” een bewakingsactiviteit uitmaakt. Het is de bediening die de bewakingsactiviteit uitmaakt. Met andere woorden, het technische middel kan in theorie nog altijd door een niet-bewakingsonderneming ter beschikking worden gesteld. De memorie van toelichting van de wet bevestigt dit ook: “Wanneer deze technische middelen samen met de operatoren die ze bedienen geleverd worden, gaat het om een bewakingsactiviteit. Indien enkel de operatoren ter beschikking gesteld worden, valt dit ook onder deze activiteit.” Het louter ter beschikking stellen van een technisch middel maakt geen bewakingsactiviteit uit.
  3. In theorie is het dus mogelijk dat een drone ter beschikking wordt gesteld door een niet-bewakingsonderneming. Dit is dan zonder dienst van bediening; in het geval de drone gebruikt wordt met als doel de veiligheid te verzekeren, dan moet de dienst van bediening van deze drone wel uitgevoerd worden door een vergunde bewakingsagent (via een vergunde bewakingsonderneming).
  4. In het geval van onderaanneming blijft de wet private veiligheid ook van toepassing aangezien in dat geval zowel de hoofdaannemer als de onderaannemer moet vergund zijn als bewakingsonderneming (voor het aanbieden en het uitoefenen van de activiteit bedoeld in art 3, 12°) en de bediener van het technisch middel hoe dan ook een vergunde bewakingsagent moet zijn. (art 55)
  5. De wet private veiligheid wijzigt op geen enkele wijze hoe de drone dient bediend te worden. Hier blijft de toepasselijke wetgeving onveranderd van toepassing. Dit ligt in de lijn van de logica dat de bewakingsactiviteit bedoeld in art 3, 12° ook beperkt is in omvang. De taak (bevoegdheid) van de bewakingsagent is enkel het betreffende technisch middel bedienen. Wat hij dan met de drone mag doen, hangt volledig af van de bevoegdheden van de klant. Een burger heeft bijvoorbeeld minder mogelijkheden bij het inzetten van een drone dan de politie. De bewakingsagent dient zich te schikken naar de bevoegdheden waarover zijn klant beschikt. Dit vertaalt zich ook in de regelgeving: “De bewakingsactiviteit voorzien in artikel 3, 12°, kan slechts uitgeoefend worden voor zover de opdrachtgever de betrokken technische middelen mag gebruiken. Deze wordt overigens uitgeoefend onder toezicht van de opdrachtgever.” (art 135)

 

Schrijf je in op de EUKA-nieuwsbrief!

Lees zeker ons privacybeleid na om te weten wat we met jouw gegevens doen via https://euka.org/privacy-policy/

Je bent ingeschreven op onze nieuwsbrief!

Pin It on Pinterest